Back to Knowledge Base

Basisduur 1 krachtuithouding 2x500 & 5x100: uitleg, effect en structuur van de workout

Analyse van het wereldwijde workoutsjabloon Basisduur 1 krachtuithouding 2x500 & 5x100: structuur, trainingsprikkel, uitvoering en echte workoutgrafiek.

7 min read

Basisuithouding 1 krachtuithouding 2x500 & 5x100 is een van de meest gebruikte globale workouttemplates in de Pushing Limits Club. De grafiek en kengetallen zijn gebaseerd op het echte WorkoutFile.

SportZwemmen
Duur16 min
PrikkelFocus op basisuithouding
Gebruik390 voltooide workouts

Waar deze workout om draait

500 inzwemmen: 100 meters/yards vrije slag, 100 meters/yards vrije slag armen met pull buoy, 100 meters/yards wisselslag, 100 meters/yards vrije slag benen, 100 meters/yards vrije slag

500 meters/yards vrije slag met handpaddles + pull buoy in basisuithouding 1

In de kern is dit een zwemtraining met focus op basisuithouding. De structuur is daarbij belangrijker dan de naam: lengte, pauzes en intensiteitswisselingen bepalen of de sessie vooral je basis stabiliseert, rond de drempel traint of een harde piekprikkel zet.

Workoutstructuur

De grafiek is gerenderd op basis van het opgeslagen WorkoutFile. Bredere blokken duren langer, hogere balken betekenen een hogere doelintensiteit.

500 meters/yards | 1 min @ ?% | 500 meters/yards | 0 min @ ?% | 5x variabele belasting / 0 min rustig | 500 meters/yards + 2 extra stappen

Trainingseffect

Het effect komt vooral uit rustige aerobe arbeid. Dat ondersteunt de vetstofwisseling, de basisuithouding en het vermogen om regelmatig trainingsomvang te verwerken.

Zo voer je de workout uit

In het water moet de technische kwaliteit het tempo bepalen. Als je waterligging of slaglengte uit elkaar valt, is de doelintensiteit te hoog of de pauze te kort.

Waar deze workout in je trainingsweek past

Deze workout kun je vaker in de week inzetten, zolang omvang en herstel kloppen. Hij is vooral nuttig om consistentie op te bouwen zonder van elke trainingsdag een zware dag te maken.

Let vooral op

  • Maak de rustige stukken niet te snel.
  • Werk je doelzones vóór de sessie bij als je vorm is veranderd.
  • Beoordeel de sessie achteraf op basis van de geplande trainingsprikkel, niet alleen op gemiddelden.